ons land - focus

 

De Vroege Middeleeuwen
Het H. Roomse Rijk van de Duitse Natie
Ontstaan en bloei van de vorstendommen (Vlaanderen en Brabant)
De Kruistochten
Godfried van Leuven wordt hertog van Neder-Lotharingen
Nieuwpoort krijgt zijn stadsrecht
De Vlamingen winnen de
Guldensporenslag
De hertogen van Brabant bezweren de Blijde Inkomst
Ontstaan en bloei van de vorstendommen (Henegouwen en Luik)
Limburg in de Middeleeuwen
Limburgse middeleeuwse steden
Home
           
banner
De Kruisvaarders behalen een overwinning tegen de Islamieten.

De Middeleeuwen - De Kruistochten - De laatste kruistochten

Graaf Willem I

Een Hollandse graaf was voorbestemd om tijdens de Vijfde Kruistocht (1217-1221) een opvallende rol te spelen. Het was graaf Willem I. Hij was het voorbeeld van een dappere, middeleeuwse vechtridder.

Afbeelding van Graaf Willem I van Holland. Hij speelde een belangrijke rol in de Vijfde Kruistocht.

Afbeelding van Graaf Willem I van Holland. Hij speelde een belangrijke rol in de Vijfde Kruistocht.

Hij had al eerder, onder bevel van de Duitse keizer Frederik Barbarossa, aan een kruistocht deelgenomen. Op de terugweg was hij in Franse gevangenschap geraakt. Toen hij later in Holland terugkeerde, nam hij maar al te graag de uitdaging van een nieuwe kruistocht aan.

Rondtrekkende predikers

In 1215 werd tijdens een kerkvergadering in het pauselijk paleis te Rome opgeroepen tot een volgende kruistocht. Meer dan 1000 afgezanten van vorsten, bisschoppen en andere belangrijke figuren waren bij deze kerkvergadering aanwezig. Paus Innocentius III verwachtte dan ook niet anders, of alle Europese vorsten zouden eendrachtig voor altijd een einde maken aan de overheersing van het Heilige Land door de muzelmannen.

Maar het pakte anders uit. De vorsten zaten niet bepaald te trappelen van ongeduld om hun paleizen en koninkrijken te verlaten. Ze hadden het te druk met hun onderlinge ruzies en waren bang dat hun vijanden hun afwezigheid zouden aangrijpen om hun tronen te bezetten.

Afbeelding van het Vierde Lateraans Concilie (1215) waarin Paus Innocentius III, in aanwezigheid van meer dan 1000 afgevaardigden van vorsten, bisschoppen en andere belangrijke figuren, opriep tot de Vijfde Kruistocht.

Afbeelding van het Vierde Lateraans Concilie (1215) waarin Paus Innocentius III, in aanwezigheid van meer dan 1000 afgevaardigden van vorsten, bisschoppen en andere belangrijke figuren, opriep tot de Vijfde Kruistocht.

Daarop beval de paus dat Europa overstroomd moest worden door predikers, die het volk moesten oproepen tot de strijd tegen de muzelmannen. Welsprekend en geestdriftig trokken de predikers rond om te zorgen voor een massale deelname. Sommigen kregen in de overvolle kerken visioenen van in de lucht zwevende kruisen: een 'teken van God...'.

Het Portugese avontuur

Ten slotte beantwoordden twee machtige Europese vorsten de oproep van de paus:
Andreas II van Hongarije en Leopold VI van Oostenrijk. Ook graaf Willem I van Holland scheepte zich met duizenden Friezen, Hollanders en Vlamingen in en zeilde langs de Europese kust naar het zuiden. Hij wilde door de Middellandse Zee naar Palestina varen.

Maar het lot besilste anders. Stormwinden sloegen de schepen van graaf Willem uit de koers. De vloot, waarbij zich inmiddels ook Engelse schepen hadden gevoegd, vluchtte een Portugese rivier op. Voor de Portugese koning Alfons II kwamen de kruislegers als een geschenk van de hemel.

Koning Alfons II van Portugal (1185-1223).

Koning Alfons II van Portugal (1185-1223).

Al jaren vocht hij een verbeten strijd tegen de Moren. Maar nooit was het hem gelukt hen uit hun versterkingen te verjagen. De koning haalde de kruisridders over hem te helpen bij zijn strijd.

Willem I voer daarop met zijn vloot naar de zwaarverdedigde vestingstad Lissabon, die bezet werd gehouden door de Moren. De kruisvaarders bestormden het bolwerk met zoveel vuur, dat de belegerden zich overgaven. Graaf Willem beloofde de Moren een vrije aftocht. Maar toen de Moren de vesting verlieten, stortten de Friese en Vlaamse troepen zich op hun ongewapende tegenstanders en slachtten hen af.

De Portugese koning had zijn doel bereikt en verplaatste zijn hof naar Lissabon, dat daarna de hoofdstad van zijn rijk bleef. Uit dank bood hij de kruisridders land aan. Velen aanvaardden dit en waren verloren voor de goede zaak. Het leger van graaf Willem onderging hierdoor een gevoelige aderlating. Bovendien had hij op het slagveld al de nodige verliezen geleden. Daarom vroeg hij paus Innocentius III hem te ontheffen van zijn kruisvaart en hem toe te staan in plaats daarvan strijd te voeren tegen de Moren in Portugal en Spanje. De paus weigerde.

Graaf Willem maakte zich kwaad

Graaf Willem van Holland overwinterde in Lissabon. In het voorjaar voer hij verder.

Kaart van de Vijfde Kruistocht (1217).

Kaart van de Vijfde Kruistocht (1217).

Andreas II van Hongarije en Leopold VI van Oostenrijk waren inmiddels in Egypte aangekomen. Ze hadden besloten de sterke stad Damiate aan te vallen. Toen graaf Willem aankwam, was met de belegering net een begin gemaakt. Vooral dank zij de inzet van de energieke Willem I en zijn trouwe mannen, viel Damiate in november 1218.

Friezen vallen tijdens de Vijfde Kruistocht de toren van Damiate aan. Op de boeg staat een Fries met een dorsvlegel te zwaaien. De strijdvlegel zou uit de dorsvlegel zijn voortgekomen.

Friezen vallen tijdens de Vijfde Kruistocht de toren van Damiate aan. Op de boeg staat een Fries met een dorsvlegel te zwaaien. De strijdvlegel zou uit de dorsvlegel zijn voortgekomen.

Daarop stelde de Egyptische sultan voor, Damiate te ruilen voor Jeruzalem. Veel kruisvaarders waren ingenomen met dat voorstel. Het zou betekenen dat ze zonder verdere strijd de Heilige Stad konden binnentrekken. Maar een pauselijke afgezant verijdelde de inruilplannen. Niet door onderhandeling, maar door strijd moest Jeruzalem aan he muzelmannen worden ontnomen! Graaf Willem I kon geen begrip opbrengen voor dit pauselijke standpunt. Woedend keerde hij met zijn Friezen, Hollanders en Vlamingen terug naar huis.

De resterende kruislegers rukten verder Egypte in, maar werden daar verrast door de jaarlijkse overstroming van de Nijl. Hun legerkamp veranderde in een eiland, omgeven door brede stromen. Schaakmat gezet door deze speling van de natuur moesten ze zelfs het veroverde Damiate prijsgeven. Ze besloten geen verdere verliezen te maken en bliezen de aftocht.

Frederik II, de diplomatieke kruisvaarder

Wat met het wapengekletter van de Vijfde Kruistocht niet bereikt werd, zou de Duitse keizer Frederik II von Hohenstaufen langs diplomatieke weg wel bereiken. Toen Frederik II in 1215 trouwde, zwoer hij in aanwezigheid van de paus (Innocentius III) dat hij het Heilige Land zou veroveren. Innocentius III overleed in 1216 en zijn opvolger Honorius III was de eed aan zijn voorganger gedaan weliswaar niet vergeten, maar hij viel er Frederik II ook niet erg mee lastig. Hij had ten slotte al een aantal malen op het punt gestaan om te vertrekken.

Afbeelding van Paus Honorius III. Hij was paus van 1216 - na het overlijden van Paus Innocentius III - tot aan zijn dood in 1227.

Afbeelding van Paus Honorius III. Hij was paus van 1216 - na het overlijden van Paus Innocentius III - tot aan zijn dood in 1227.

Honorius III werd in 1227 opgevolgd door de energieke Gregorius IX en deze nieuwe paus zou Frederik II direct aan zijn eed herinneren. In 1227 werd er een kruisleger door Frederik II uitgerust. Maar twee dagen na het uitvaren legde de vloot weer aan in Zuid-Italië, omdat de pest aan boord uitgebroken zou zijn!

Een woedende paus Gregorius geloofde daar geen snars van en hij deed Frederik II onmiddellijk in de ban. Het was misschien de beste manier om hem juist wél op kruisvaart te sturen. In 1228 trok Frederik II aan het hoofd van een sterk leger naar Jeruzalem. Het sterke leger hoefde niet in actie te komen, want op 11 februari 1228 sloot keizer Frederik II vrede met de muzelmannen, zonder enige voorafgaande strijd. Christelijke pelgrims mochten de steden Bethlehem, Nazareth en Jeruzalem ongehinderd betreden. Paus Gregorius misgunde Frederik II zijn succes en hij was woedend omdat er geen strijd geleverd was.

Paus Gregorius IX sloeg Keizer Frederik II van het Heilig Roomse Rijk in de ban nadat hij lang wachtte om op kruistocht te trekken.

Paus Gregorius IX sloeg Keizer Frederik II van het Heilig Roomse Rijk in de ban nadat hij lang wachtte om op kruistocht te trekken.

Hij kon er echter niet onderuit om de keizer in 1229 van de banvloek te ontheffen. In 1244 sloten de muzelmannen de Heilige Stad opnieuw voor de christenen en dit keer voorgoed.

De jammerlijke veldtocht van Lodewijk de Heilige

Het heilig vuur, waarmee Europa de muzelmannen te lijf ging, begon steeds lager te branden. Alleen de Fransen bleken nog in staat tot voldoende godsdienstige geestdrift te kunnen komen om een kruistocht te ondernemen. Lodewijk IX de Heilige wist een machtig leger te verzamelen. In 1248 scheepte hij zich in. Zijn metgezel tijdens de Zevende Kruistocht (1248-1254) was de graaf van Vlaanderen.

Afbeelding van Koning Lodewijk IX (de Heilige). Hij was koning van Frankrijk van 1226 tot 1270. Schilderij van El Greco.

Afbeelding van Koning Lodewijk IX (de Heilige). Hij was koning van Frankrijk van 1226 tot 1270. Schilderij van El Greco.

Via het eiland Cyprus voer de kruisvloot naar Damiate, dat in 1249 werd bezet. Maar de ontberingen en ziekte in het verre, hete land sloopten het trotse leger, tot de restanten nog maar nauwelijks een strijdmacht genoemd konden worden. Het uitgedunde leger leed een gevoelige nederlaag. Lodewijk IX en zijn ridders werden gevangengenomen. Pas na betaling van een kolossaal losgeld werden ze vrijgelaten. De muzelmannen verwachtten, dat de Europeanen zo snel mogelijk hun paleizen, burchten en garnizoenen zouden opzoeken. Maar de Franse koning wist van geen opgeven. Met een handjevol getrouwen begaf hij zich naar het noorden van Klein-Azië, waar hij vier jaar lang op versterkingen wachtte.

Versterkt met nieuwe manschappen bouwden de Fransen de steden aan de kust van Klein-Azië uit tot sterke forten. Maar voor een hernieuwde aanval op de muzelmannen had Lodewijk IX een bondgenoot nodig.

Güyük Khan, de Mongoolse heerser, waar Lodewijk IX tevergeefs een beroep op deed om de muzelmannen in Jeruzalem aan te vallen.

Güyük Khan, de Mongoolse heerser, waar Lodewijk IX tevergeefs een beroep op deed om de muzelmannen in Jeruzalem aan te vallen.

Hij onderhandelde met Mongoolse ruiters, die zich op korte afstand ophielden. De khan van de Mongolen was een gezworen vijand van de muzelmannen. Maar de pogingen om samen met de Mongolen tegen de muzelmannen op te trekken, liepen op niets uit. Teleurgesteld keerde de Franse vorst in 1254 het Heilige Land de rug toe.

Het rampzalige einde

Toen Lodewijk de Heilige de terugtocht naar Frankrijk aanvaardde, bleven vele steden aan de kust van het Heilige Land bolwerken van de christenheid. Veel soldaten waren al tijdens vorige kruistochten achtergebleven en vormden samen met andere bewoners van de steden militaire garnizoenen, die de steden verdedigden. Die oorspronkelijke bewoners waren van oorsprong christenen door hun Byzantijnse verleden, maar ze waren als slaven door de muzelmannen in de islam opgevoed. Ze werden mamelukken genoemd.

Toen er door het uitblijven van nieuwe kruislegers geen nieuwe versterkingen voor de Europeanen kwamen, zagen de mamelukken hun kans schoon. Ze grepen de macht en vestigden hun eigen islamitische staat in Klein-Azië. De ene na de andere stad viel in hun handen.

Op de afbeelding Baibars (volledige naam: al-Malik al-Zahir Rukn al-Din Baibars al-Bunduqdari) (1223 - 1 juli 1277). Hij was de leider van de Mamelukken en werd uiteindelijk sultan van Egypte en Syrië.

Op de afbeelding Baibars (volledige naam: al-Malik al-Zahir Rukn al-Din Baibars al-Bunduqdari) (1223 - 1 juli 1277). Hij was de leider van de Mamelukken en werd uiteindelijk sultan van Egypte en Syrië.

De ontgoochelde Lodewijk de Heilige waren deze verliezen een doorn in het oog. In 1270 besloot hij het nog een keer te proberen. Hij rustte een sterke vloot uit en was van plan naar Palestina te varen. Maar zijn broer, Karel van Anjou, die koning van Napels was, riep eerst de hulp van Lodewijk in voor een gevecht op een ander front. Aan de overkant van de Middellandse Zee, in Noord-Afrika, lag het Moorse bolwerk Tunis. De Tunesische vloot vormde een voortdurende bedreiging voor de handel van het welvarende Napels.

Lodewijk IX de Heilige op zijn sterfbed te Tunis, 25 augustus 1270.

Lodewijk IX de Heilige op zijn sterfbed te Tunis, 25 augustus 1270.

Lodewijk gaf gevolg aan het verzoek van zijn broer en voer eerst naar Tunis. Het zou het rampzalige einde worden van de Achtste Kruistocht, eigenlijk nog voor dat deze werkelijk begonnen was. Want tijdens het beleg van Tunis brak onder de deelnemers de gevreesde pest uit (andere bronnen spreken van tyfus). De ongelukkige koning Lodewijk IX de Heilige stierf en velen met hem. Met deze tragische dood kwam tevens het einde van de kruistochten. Het heilige vuur was gedoofd... .

Afbeelding die de Kinderkruistocht (1212) voorstelt.

Afbeelding die de Kinderkruistocht (1212) voorstelt.

De kinderkruistocht

De meest twijfelachtige onderneming die tijdens de kruistochten werd georganiseerd, was de Kinderkruistocht (1212). De 12 jaar (!) oude Franse jongen Stephen van Cloyes, die aan godsdienstwaanzin leed, reisde door Frankrijk en zweepte de kinderen op. Soms begeleid door hun moeders trokken duizenden Franse kinderen tussen 12 en 17 jaar naar Marseille. Daar lag een vloot gereed om de kinderen naar het Heilige Land te brengen. Een deel van de kinderen schrok bij het zien van de onmetelijke grote watervlakte en vluchtte terug naar huis. Maar duizenden anderen gingen aan boord bij gewetenloze kapiteins en kooplieden van twijfelachtig allooi. Velen werden regelrecht naar Afrikaanse havens gevaren, waar ze op slavenmarkten werden verkocht. Duitse kinderen probeerden over land Klein-Azië te bereiken. Maar slecht voorbereid als ze waren, stierven ze onderweg door honger en ziekte.

Mythe

Er wordt nu niet meer getwijfeld aan de wijdverbreide mythe van de kinderkruistochten. Het ging hier niet om kinderen, maar om ontheemde boeren die uit geldnood hun land hadden moeten verkopen. Twee jonge leiders, Stephan en Nicolaas, kregen "visioenen" en stuurden hun groep op Kruistocht. In deze visie zou het dus meer om een soort sektevorming gaan, waarbij de groepen op een bepaald moment door alle verliezen en ontberingen ontmoedigd uit elkaar vielen. Het woord 'kinderkruistocht' zou in deze visie berusten op een taalkundig misverstand. In middeleeuwse kronieken die deze kruistochten noemen wordt namelijk het woord pueri gebruikt, het Latijnse woord voor jongens. Door latere vertalers is dat vertaald als kinderen. In de middeleeuwen werd de term pueri echter ook wel gebruikt om ontheemde boeren en zwervers aan te duiden. Middeleeuwse kroniekschrijvers hebben de mythevorming versterkt door de pelgrims steeds jonger weer te geven.

De laatste schermutselingen

Nog steeds bleven ijveraars langs de Europese paleizen en steden trekken om op te wekken tot massale strijd tegen de moslims. Vele plannen werden gesmeed, geen ervan werd uitgevoerd.

De grote kruistochten maakten plaats voor kleine veldtochtjes in de 14e en 15e eeuw. Af en toe werd een Turkse stad veroverd. Na korte tijd viel zo'n stad weer onder het Turkse geweld en werd het garnizoen tot de laatste man over de kling gejaagd. Vooral de Hongaren probeerden vertwijfeld de Turkse opmars naar Europa te stuiten. Maar ze moesten zich voor de woeste horden terugtrekken.

De val van Constantinopel in 1453. Hiermee kwam er een definitief einde aan het Oost-Romeinse (of Byzantijnse) rijk.

De val van Constantinopel in 1453. Hiermee kwam er een definitief einde aan het Oost-Romeinse (of Byzantijnse) rijk.

In 1453 werd op de muren van Constantinopel de gevreesde Turkse banier geplant. Ze gaven de stad de nieuwe naam Istanboel en zouden haar nooit meer prijsgeven... .