Het grootste museum van fruitvariëteiten

Wondermooie bloesems...
ons land - focus


Welkom in Limburg!

Inleiding en bronvermelding
Algemene Geschiedenis
's Lands Glorie
Bezienswaardigheden
Home
           
banner
Vlag Limburg

Wondermooie bloesems...

We hebben al zo vaak moeten horen dat Limburg onze fruitprovincie bij uitstek is. Ik zal niet zeggen dat dat niet klopt, maar je kunt er, eerlijkheidshalve, toch enkele kanttekeningen bij plaatsen. Bijvoorbeeld dat de heerlijke, unieke "fruitweiden" van weleer in al te veel gevallen plaats hebben moeten maken voor de fruitplantages van tegenwoordig. Als ik het woord 'plantage' hoor of lees, dan word ik meteen teruggeworpen naar de omgeving van de Negerhut van Oom Tom of naar de eindeloze bananenplantages waarmee ik in een aantal tropische continenten kennis heb kunnen maken. Natuurlijk moeten de mensen hun karig en vaak zuur brood verdienen en de kapitalisten hun dividenden opstrijken. Maar goed, in ons Limburg is dat een heel stuk minder hemeltergend. Bovendien is men daar - God, Allah, Wodan, Boeddha zijn geloofd - zo wijs geweest om de oude fruitrassen te bewaren en op een aantal plekken tot nieuw leven te wekken. Als je dat niet geloofd, dan daag ik je uit om eens naar het fructuarium bij het kasteel van Rullingen in Kuttekoven, bij Borgloon, of naar de hoogstammige boomgaarden bij Alde Biesen te trekken.

De fruitweide van Rullingen - naar oud model - bestaat uit tachtig kersen- en zestig pruimenvariëteiten. Per ras werd een drietal bomen aangeplant. Het geheel is omzoomd met de vermaarde siroopperen van Borgloon. De fruitvariëteiten dragen soms opmerkelijke namen. Bij de kersen zijn dat bijvoorbeeld Kernielse, Vroege van Gelmen, Bigarreau van Ordingen of van Wimmertingen, Sint-Janskers, Rotzakken, Bampkers en zelfs Dikke Loen. Ook de pruimennamen spreken tot de verbeelding: Steen op steen (een pruim met twee pitten), Diepenbeekse (een bakpruim) en Sanctus Hubertus.

In Alde Biesen, waar in hoogstamboomgaarden een zestigtal appelrassen en evenveel perenrassen voor de toekomst worden gevrijwaard, hebben ze appelvariëteiten als de Meekersappel, de Transparante De Concels en zelfs een Pomme de Jérusalem.

De fruitkwekers uit de goeie ouwe tijd hadden ook fruit voor alle gebruik: vroege en late rassen, bewaar- en inmaakfruit, fruit voor siroop of cider, en sierfruit. De bomen waren sterk en hadden een respectabele leeftijd. Ze bezaten van nature een grote, natuurlijke weerstand tegen ziektes en insectenplagen. De vogels en kleine zoogdieren die de boomgaarden bewoonden, hielden het aantal insecten binnen de perken.

© Het Toppunt van België, reisgids naar 500 uitzonderlijke plekken in eigen land, Julien Van Remoortere.