De watermolens op de Dommel

De watermolens op de Dommel te Overpelt.
ons land - focus


Welkom in Limburg!

Inleiding en bronvermelding
Algemene Geschiedenis
's Lands Glorie
Bezienswaardigheden
Home
           
banner
Vlag Limburg

De watermolens op de Dommel te Overpelt (van boven naar onder, van links naar rechts: de Wedelse Molen, de Bemvoortse Molen, de Slagmolen en de Kleine Molen).

De Wedelse Molen

De Wedelse Molen is een watermolen gelegen in de gemeente Overpelt. De molen is gelegen aan de rivier, de Dommel. De naam Wedel wijst op een waterige omgeving na een overstroming. De geschiedenis van de molen zou volgens sommige bronnen teruggaan tot in de 8e eeuw. Het zou dan mogelijk de oudste watermolen op de Dommel, en mogelijk zelfs de oudste watermolen in de hele Benelux kunnen zijn maar dit kan niet bevestigd worden door archeologische vondsten. In 1259 werd de molen door graaf Arnold IV van Loon verkocht aan de abdij van Floreffe. In 1765 werd de molen herbouwd. Hierbij werd het molenhuis uit leem vervangen door het huidige gebouw. In 1953 werd de Breugelweg verbreed waardoor het bakhuis verloren ging en in 1955 werd het houten molenwiel vervangen door een metalen wiel. Tot 1957 was de molen in werking. In 1974 werd een taverne ingericht in de molen. Sinds 1980 wordt de molen weer gebruikt als omzetter van waterkracht naar elektriciteit. De oevers van de Dommel aan de molen werden verstevigd in 1994. Sinds 1995 is de molen met inbegrip van het sluiswerk en de oeverversteviging een beschermd monument. Ze werd als monument plechtig indienstgesteld op 26 mei van dat jaar.

De Bemvoortse Molen

De Bemvoortse Molen is een watermolen op de Dommel die zich bevindt aan de Bemvaartstraat te Overpelt. Ze diende tot korenmolen. De benaming komt voort uit de naam van de plaats, waar een voorde een doorwaadbare plaats is en bem verwijst naar vlechtwerk, mogelijk een versterking met behulp van rijshout. De molen werd reeds in 710 vernoemd, en in 1259 werd deze banmolen, samen met de Wedelse Molen en de Kleine Molen, door Arnold IV van Loon verkocht aan de Abdij van Floreffe, die zojuist in Eksel een grote landbouwontginning was begonnen. Tot het einde van de 18e eeuw bleef de molen in het bezit van deze abdij. Omstreeks 1900 werd de molen herbouwd. Van 1919 tot 1987 was de molen bezit van de familie Leyssen, waarna ze werd verkocht aan de familie Withofs. Momenteel is het binnenwerk, dat stamt uit omstreeks 1855, geheel intact en in 1987 nog grondig gerestaureerd. De molen is dus maalvaardig, maar ze is zelden in bedrijf. De zolder is nog een tijd lang als een molenmuseum in gebruik geweest.

De Slagmolen

De Slagmolen is een watermolen die zich bevindt op de Dommel te Overpelt. Ze is gelegen aan de Slagmolenstraat. Deze molen werd reeds in 1218 voor het eerst vermeld. Lange tijd werd ze als oliemolen gebruikt. In 1902 werd ze volledig herbouwd, en ze kreeg een metalen waterrad. Tot omstreeks 1960 was de molen nog als korenmolen in bedrijf, maar daarna werd ook het binnenwerk eruit gesloopt. Het rad bleef nog wel gehandhaafd, maar dit begon te vervallen. Tegenwoordig is het gebouw in gebruik als laboratorium.

De Kleine Molen

De Kleine Molen of Kleinmolen is een watermolen op de Dommel te Overpelt die dienst heeft gedaan als korenmolen en als volmolen. Ze is gelegen aan de Klein Molenstraat in de buurtschap Hoksent. Deze molen is, volgens de overlevering, gebouwd door een knecht van de Wedelse Molen maar op kleinere schaal, waar dan de naam van deze molen van afkomstig zou zijn. Ze werd voor het eerst vermeld in 1218 toen abt Christiaan van de Abdij van Sint-Truiden toestemming verleende aan de heer van Eksel om een molen op te richten. Het was een grafelijke banmolen. In 1259 werd de molen door de Graaf Arnold IV van Loon, evenals de Wedelse Molen en de Bemvoortse Molen, verkocht aan de Abdij van Floreffe. Vr 1527 reeds werd de molen uitgebreid met een volmolen, maar deze is omstreeks 1550 weer verdwenen, waarna de molen slechts als korenmolen in bedrijf was, hoewel ze in de volksmond nog als Volmolen werd aangeduid. In de Franse tijd werden abdijbezittingen verbeurd verklaard en ook de molen werd verkocht. In 1844 werd ze gekocht door Jan Valentijns, die burgemeester van Overpelt en grootgrondbezitter was. Deze bezat ook de Wedelse en Bemvoortse Molen, en bovendien de Sevensmolen, wat een windmolen was. In 1949 werd ze nog gerestaureerd en tot 1978 werd er nog graan gemalen. De vzw Levende Molens voerde in 1990 nog herstelwerkzaamheden uit. Het rad en het grootste deel van de inrichting zijn echter verdwenen. Tegenwoordig is het gebouw in gebruik als galerie onder de naam: Daelhoxent, en men kan er ambachtelijke kaarsen kopen en wisselende kunsttentoonstellingen zien.