Berkenpad domein Nieuwenhoven

 

Plan van de wandeling.
ons land - focus


Welkom in Limburg!

Inleiding en bronvermelding
Algemene Geschiedenis
's Lands Glorie
Bezienswaardigheden
Home
           
banner
Vlag Limburg

Plan van de wandeling.

AFSTAND 2,8 km

AARD VAN DE WEG De bodem bestaat overwegend uit grind, verharde grond of verharde grond met grind. Over een groot gedeelte van de route stijgt de weg en eenmaal moet je een echt heuveltje op.

ROUTE-AANDUIDING Rode paaltjes.

VERTREKPUNT Het bezoekerscentrum in het provinciaal domein Nieuwenhoven. Je vindt dat domein langs de weg Hasselt - Sint-Truiden, de N722, op zo'n 13 km van Hasselt. Het domein is goed aangeduid. Via een straatweg waar je geen tegenliggers hoeft te vrezen want het is een weg met eenrichtingsverkeer, bereik je een parkeerplaats. Langs een groot bord kom je via de hoofdingang het domein binnen. Rechts zie je het bezoekerscentrum, gevestigd in de vroegere boswachterswoning. Daar vind je informatie over het domein en over het bosleven. Het centrum is geopend: van 1 april tot 31 oktober, van maandag tot vrijdag van 9.00 uur tot 17.00 uur, op zaterdag, zondag en feestdagen van 10.00 uur tot 18.00 uur.

Het domein Nieuwenhoven is een natuurgebied met een rijke fauna en flora en dat betekent: met veel dieren, bloemen en planten. Nieuwenhoven omvat een boscomplex van 82 ha. Je vindt er een grote afwisseling van bodemtypes, een rijke plantengroei en een gevarieerd dierenleven.

Het bos van Nieuwenhoven - van oudsher Galgenbos genoemd - maakte deel uit van een groot woud, het Bruderholt. In de 10e eeuw werd het aan de abdij van Sint-Truiden geschonken. De U-vormige hoeve werd met woonhuis, langschuur, bakhuis en stallingen in de 17e eeuw gebouwd in opdracht van abt Germeys. Het L-vormige kasteel dateert wellicht ook uit die periode, maar werd grondig verbouwd tussen de jaren 1751-1780. In 1932 ging een groot gedeelte van de gebouwen in vlammen op.

De visvijvers staan al vermeld op kaarten uit 1680. Rondom het kasteel is in de 19e eeuw een park aangelegd als een Engelse landschapstuin. Het bos is een gedeelte van dat vroegere park. Het domein is sinds 1972 eigendom van de provincie.

Nieuwenhoven telt drie bewegwijzerde wandelingen. Voor jou is het Berkenpad uitgekozen. Dat zal vast wel iets met berken te maken hebben!

DE WANDELING

Dit lijkt wel Bokrijk: de grote gebouwen, ooit schuren, de kleuren ervan, het vakwerk op de gevels. Een bordje vraag aandacht voor een cafetaria, maar ga je niet eerst op stap? Dus naar links en op zoek naar de rode paaltjes van het Berkenpad.

Je begint licht hellend en zit al onmiddellijk in het bos. Dat ging vlugger dan je dacht. Je wandelt over een breed pad, gemakkelijk begaanbaar, behalve als het een aantal dagen heeft geregend want dan krijg je met moerassige grond te maken.

Dit is het Berkenpad en dus speur je onwillekeurig naar de eerste berken. Voorlopig winnen de eiken het met glans. Dit is een echt eikenbos. De trotse bomen staan flink rechtop en steken hun kruinen recht de lucht in. Ze dulden weinig of geen struikgewas.

Kijk eens achterom. Dan zie je dat je gestaag stijgt. Het gaan schuinrechts verder. Dit lijkt wel een dreef. Weinig verandering, want de weg blijft traag de hoogte ingaan en de eiken voeren de boventoon. Voordat je helemaal bovenbent, moet je nog een echt heuveltopje over. Wil je al uitrusten? Een bank staat klaar. Het domein is uitgebreid voorzien van rustbanken.

Het Adelaarspad loopt rechts weg en rechtdoor gaat het Kamperfoeliepad. Beide paden zijn voor jou vandaag te kort terwijl je adelaarsvarens en kamperfoelies op dit Berkenpad ook wel zult tegenkomen. Dus ga je naar links en je geniet eventjes van een afdaling om dan weer een korte klim aan te pakken.

Enkele ferme berken pieken omhoog. De eiken heersen nog, maar moeten ander boomsoorten de ruimte geven, onder meer elzen. Nu tref je ook meer struikgewas aan. Links nodigt een picknickplaats je uit. Je kunt op die plek ook gewoon wat gaan zitten praten.

In dezelfde richting ligt de 'zwarte vijver'. En omdat deze verscholen is achter de bomen, kun je die niet zien.

Achter een bocht ligt de weg weer breeduit voor je en moet je alweer een eindje stijgen. Links zie je nog eiken, maar rechts defileert nu een echt berkenbos. Houd jij ook van dat spel van licht en donker op deze bomen, tegelijk een beeld van jong en oud?

Wat verderop, voorbij een dwarsweg, duiken links en rechts fijne sparren op. Nu moet je de zwaarste klim van deze route aanvatten: een ware heuvel. Bijna boven bereik je het noordelijkste punt van deze wandeling. Daar moet je opletten om aan je linkerkant geen rondlopende werksters te storen! Want onder een metalen rooster krioelen duizenden rode bosmieren. Ga wat dichterbij kijken, maar zorg ervoor dat ze niet op je benen kruipen! Een bordje vertelt je dat deze mieren heel nuttig zijn voor het bos. Die werksters verdelgen immers schadelijke insecten. Omdat deze troep de enige in z'n soort is in Haspengouw, wordt hij zo goed beschermd. In de mestkoepel leggen de koninginnen eieren en wordt het broed grootgebracht.

Je neemt een scherpe bocht naar rechts en dan mag je gaan afdalen. Nu wandel je tussen dunnere houtsoorten. Links zie je een perceel hakhout. Dat is in Limburg niet zo vaak meer te zien omdat hout minder wordt gebruikt dan vroeger. Een bordje legt de functie van hakhout uit.

De berken komen terug. In de zomer zie je overal om je heen veel varens. Langzaam ga je naar beneden. De rust kan alleen maar verstoord worden door vliegtuiggebrom want de legerbasis van Brustem is niet ver weg, of door treingeronk want een spoorlijn loopt dichtbij. Links merk je dat je aan de rand van het bos bent. Zo'n 100 m verder ligt een weide.

Waar je naar links moet en het Kamperfoeliepad weer opduikt, zie je rechts een kleine schuilhut, niet bedoeld voor een grote groep wandelaars. En of je daar droog blijft? Rechts een donker dennenbos.

Je neemt vlug weer afscheid van het Kamperfoeliepad want je wandelt naar links, langs een weide waarachter je daken van huizen opmerkt. Daar ligt de bewoonde wereld. De berken blijven. Sommige zijn zo oud of rot dat ze gewoon neerstorten en uit elkaar vallen.

Het gaat weer omhoog. Er lopen wortels over de weg, maar die hindernis overwin je gemakkelijk. De weg knikt naar rechts. Links zie je dat je dicht bij velden loopt. Je kunt niet verder want prikkeldraad verspert je de weg. Dus ga je rechts.

Er ligt een lange weg voor je waarvan het einde nog niet in zicht is. Je stapt recht op een eik af die midden op je pad staat. Dichterbij merk je dat de boom toch geen versperring vormt, maar gewoon midden op een rotonde staat. Dit is de 'eik van Ferraris'.

Graaf Jozef de Ferraris was een artilleriegeneraal in dienst van het Oostenrijkse leger, maar tevens een cartograaf. Hij maakte van 1771 tot 1778 de eerste topografische kaart van België. Op die kaart stond de boom al aangeduid. Vandaar.

Deze boom kon de vele voeten op zijn wortels niet verdragen en werd zwaar ziek. Men geeft hem nu extra vitaminen en probeert hem lucht te geven door de wandelaars met behulp van een omheining van zijn voeten weg te houden.

Je daalt verder af langs deze hele rechte weg in de richting van een witte vlek tussen de bomen. Dat is het cafetaria. Zuig je longen nog maar eens vol boslucht. Ook jij hebt lucht nodig en vitaminen voor de werkweek. Of behoor je tot de gelukkigen die met vakantie zijn?

Het Adelaarspad en het Kamperfoeliepad lopen nu met het Berkenpad mee. Samen leg je het laatste stuk van de route af. Rechts zie je nog een picknicktafel.

Je bent in een fruitstreek en dus mag het je eingelijk niet verbazen dat je bij een echte boomgaard belandt. Raad eens welke vruchten aan de oudste en grootste bomen groeien? Pruimen. Maar er staan ook vele kleine boompjes. Men probeert regionale variëteiten een kans te geven, met peren als de Pastoorspeer, appelen als de Oude Grijskes en kersen als de Krakers. Links staat een bijenhal.

Je hoort kindergelach en dat komt van een speeltuin. Wandel tussen de gebouwen van het cafetaria door om via een sierlijk dreefje terug te keren naar het parkeerterrein.

© Wandelgids voor Limburg, 25 lusvormige wandelingen door de mooiste steden en natuurgebieden, André Peeters.