De Abdij van Flône

Luchtfoto met de indrukwekkende abdij van Flône langs de oevers van de Maas.
ons land - focus


Welkom in Luik!

Inleiding en bronvermelding
Algemene Geschiedenis
's Lands Glorie
Bezienswaardigheden
Home
           
banner
Wapenschild Luik

Luchtfoto met de indrukwekkende abdij van Flône langs de oevers van de Maas.

De abdij van Flône werd tijdens de 9de eeuw gesticht door drie ridder-monniken, op een domein dat de bisschop van Luik hen had gegeven. Het ligt aan de monding van de Flône-beek in de Maas. Oorspronkelijk woonden er reguliere kanunniken van de orde van de heilige Augustinus, tot het klooster werd verheven tot abdij in 1139. Om in haar levensonderhoud te voorzien kocht de abdij een groot domein met bijbehorende rechten. Daar kwamen al snel rechten bij op bossen en op de visserij in de Maas en later ook nog mijnbouwrechten. Flône bezat boerderijen in Richemont (boven Amay), Hottine (tegenover de abdij, op de andere oever) en in de streek van la Kérité (boven Flône).

In 1568 werd het klooster geplunderd en afgebrand, toen de troepen van de Prins van Oranje er passeerden. Tijdens de Franse Revolutie werd de abdij opgeheven en belandden de eigendommen in particulier bezit. In 1921 werd dit de hoofdzetel van de Dames van het Christelijk Onderwijs.

Architectuur

De gebouwen van de abdij zijn gelegen rond twee pleinen. Zo zijn er de kerk van Saint-Mathieu, de klooster- en de algemene gebouwen en ook nog de brouwerij. In 1905 werd aan de andere kant van de steenweg bijgebouwd (kasteel Goffart). Op één van de twee pleinen, de 'cour des communs', werd onder abt Philippe d'Orjo (1545-1555) een brouwerij gebouwd. Zijn grafsteen is te vinden in het dwarsschip van de kerk. In de brouwerij was ook een wijnpers geïnstalleerd. Tijdens de 19de eeuw werd de brouwerij verbouwd tot café. Nu dient ze als woonst voor enkele van de zusters. Na de brouwerij werd ook een molen gezet, die werd aangedreven door het debiet van de Flône-beek die tegenover de abdij in de Maas uitmondt. Hierna volgden de schuur, de poort en de duiventil. Het geheel werd gebouwd onder Thomas de Vinalmont (1608-1623). Het tiendenhuis werd opgetrokken onder het gezag van abt Jean-Jérôme de Schroots (1725-1742). Hier werden de verplichte bijdragen van de boeren opgeslagen, die dienden voor het onderhoud van de kerk.

Naast het voor leken toegankelijke gedeelte van de abdij is er het deel dat enkel toegankelijk is voor de leden van de gemeenschap. Deze twee delen worden tegelijk verbonden én gescheiden door de kerk. Abt Guillaume de Hemricourt (1636-1670) en vervolgens zijn neef Dieudonné de Hemricourt (1670-1692) stonden aan de leiding van de bouw van de kloostervleugels en de hoektoren. De prelatuur, die onder abt Charles Delvaux de Fenffe (1742-1778) werd vernieuwd, vormde de woonst van de abt, maar diende ook als vergader- en ontmoetingsruimte.

In de kerk schuilen verschillende rijkdommen: de romaanse doopvonten (12de eeuw), de grafstenen, de koorstoelen (1662), het meester-altaar (1665), de panelen en vooral het buffet en het orgel (Belangrijk Waals erfgoed).

Openingsuren

Bezoek mogelijk aan de kerk (behalve bij uitzonderlijke omstandigheden).
Open: elke dag van 10-12 en van 13 tot 17 u (in alle rust), gratis entrée

© Hesbaye-Meuse, Maison du Tourisme.